Monday, April 22, 2019

Een regenboog col


Breien uit de kast is nog steeds mijn motto.  En in de kast zitten er ook restjes, veel restjes...Alle redenen zijn goed om met wol te spelen, en de verjaardag van onze plaatselijke Stitch'n Bitch groep is een extra goede reden.
Het plan is om een regenboog te creëren. Geel heb ik blijkbaar zo goed als niet in voorraad. Daarom gebruik ik een stukje sokkenlap dat ik zelf geverfd heb, geïnspireerd op een schilderij van Van Gogh. Het is meer geelgroen, maar kom.
Als hoofdkleur (uiterst rechts) gebruik ik een sokkenwol met een beetje possum, een harig knaagdier uit Nieuw-Zeeland. Het garen is een souvenir van onze reis in 2015.
Als techniek gebruik ik de halve patentsteek, een eerste keer voor mij. Het geeft het uitzicht van briochesteek, maar je gebruikt dieper insteken in de rij daaronder, en je moet dit maar om de andere rij doen. Ik ben in elk geval al tevreden met de eerste kleurtjes. Ik gebruik een restje mohair-zijde voor het oranje, waar ook nog pailletjes inzitten. Klein accent, veel impact.
Het patroon is van Lang yarns. Je kan bij hen nu ook losse patronen digitaal kopen, vroeger (en nu nog steeds) waren dat patronenboeken in de plaatselijke wolwinkel. Maar eerlijk gezegd, het patroon is nogal basic, en veronderstelt dat je zelf wat brei-achtergrond hebt. In het patroon staat ‘kantsteek’, maar er wordt niet uitgelegd hoe die te doen. Als ik de steek afhaal vond ik dit te slobberig worden. Ik heb dus gewoon 1 steek altijd rechts gebreid, aan het begin en het einde van de rij.  Dat geeft een kleine knobbeltje aan de rand. OK, dat ziet er niet super uit, maar het werkt.Met de techniek die we bij sockmatician geleerd hebben zou ik een mooiere rand kunnen maken.

Na 80 cm zoals in patroon heb ik de steken in wacht aan de opzet gemaasd (een beetje zoeken hoe dat moest). Ik ben blij met het eindresultaat.

En de bestemmeling ook denk ik! Zo een col is ideaal op de fiets, als extra laagje tegen de wind, of je kan het zelfs helemaal over je hoofd trekken. Het ziet er niet naar uit dat dit binnenkort nodig is, maar je weet natuurlijk nooit wat het weer wordt. Het is nu in elk geval lente, en ik ga ervan uit dat we de komende Stitch'n Bitch bijeenkomsten aan terrasjesbreien zullen doen.

Sunday, April 14, 2019

Guys knit




 
Een trend in de breiwereld (en daarbuiten) zijn zeker vlogs en podcasts. Zelf ben ik nog niet helemaal 'mee', maar ik weet wel dat Nathan Taylor (ook gekend als Sockmatician) populair is. Ik heb al een paar keer naar een instructiefilmpje van  hem gekeken op youtube. Hij heeft een aangename stem, legt een techniek tot in detail uit, en hij heeft een Brits gevoel voor humor dat ik wel kan smaken.
Hij heeft nu ook een boek uit, gericht op beginnende breiers, en gepubliceerd bij een huis van vertrouwen, een uitgeverij die meestal handboeken voor automontage enzo publiceert.
Het is een interactief boek, want als extra bij elke techniek die al duidelijk geïllustreerd is met foto's, kan je ook nog eens een QR-code scannen en een filmpje bekijken. En vooral: het boek moedigt je aan om na te denken als breier. Het is geen handboek van de breipolitie die met het vingertje omhoog instructies declameert. Het is een persoonlijk boek van een man die zegt 'zo doe ik het, en daarom, maar er zijn nog veel andere manieren, probeer die en zoek jouw eigen manier die voor jou het beste werkt'. Nobody is as good as being you as you.
Toen ik hoorde dat Nathan Taylor een workshop kwam geven bij Bart&Francis heb ik me direct ingeschreven.
 
In tegenstelling tot wat zijn alias 'sockmatician' doet vermoeden ging deze workshop niet over sokkenbreien! Eén van zijn andere passies is namelijk de techniek van het dubbelbreien. Nu heb ik zelf wel al wat geëxperimenteerd met dubbelbreien, en zelfs al een afgewerkt project gemaakt, maar het is nog altijd niet iets wat ik écht in de vingers heb.
Ik schreef me in voor de twee dagen, beginners en gevorderde technieken, omdat ik Nathan's stijl van lesgeven wou ondervinden. Ik heb al gemerkt dat hoe iemand lesgeeft heel erg beïnvloedt wat ik er van opsteek. Goed dat ik dat gedaan had, want Nathan spreekt veel, heel veel. Hij zegt het zelf ook, dus hij weet wel dat hij dat effect heeft. Hij is een ook acteur, zanger... en een beetje een diva, hij kan het showbeest in hem moeilijk ontkennen. Hij heeft ook wel zinnige dingen te zeggen, ik vond het fijn om naar hem te luisteren en verder na te denken over wat hij in de groep gooide. Life starts at the end of your comfortzone.
 
Maar ik kan me voorstellen dat anderen liever wat meer 'hands-on' gebreid hadden.
In dag 2 ging het over meerderen en minderen in dubbelbreiwerk, en daarmee dan patronen vormen. Het was een intensieve dag, van nadenken over hoe je breit (want er zijn veel verschillende manieren!) en hoe dat de richting van je minderingen beïnvloedt. Dit is een voorbeeld van ajour in dubbelbreiwerk.

 
 
Aan ajour ga ik me nog niet wagen. Een muts of deze sjaal lijken me wel een goed project om de meerderingen en minderingen verder te oefenen. Altijd meer ideeën dan tijd om ze uit te voeren!















Wednesday, April 03, 2019

Kriek Lambic


Breien uit de voorraad, en vooral truien, dat is het plan in 2019. En kabels, dat wou ik ook nog eens doen. Dat alles komt bijeen in dit project.
Ik gebruik een garen dat ik kocht in Denemarken, op breireis met de groep van 't Wolwinkeltje in 2012. Gelukkig wordt wol niet slecht (behalve als de mot erin komt).
We bezochten op het eiland Laesoe de wolkamer, een oude schuur met zeewierdak, waar je zowel wollen dekbedden als wol van de plaatselijke schapen kon kopen. Hoog tijd om daar eindelijk eens mee aan de slag te gaan. Het breit een beetje hard, en voelt een beetje aan als keukentouw maar eens gewassen wordt het mooi zacht en wollig.

Dit ontwerp van Ysolda Teague heet Pumpkin Ale. Ik noem mijn versie Kriek Lambic, dat is ook een bier, en de kleur van mijn trui doet me wat aan kriekenbier denken. Op de rug loopt een mooi complex kabelpatroon. De kabels zijn gebreid op een achtergrond van ribbelsteek. Daardoor heb je minder het 'zware' uitzicht wat kabels op tricotsteek soms geeft. Ik vind het er meer organisch uitzien zo.
De rug breien vraagt wel wat concentratie. Zoals in al Ysolda's patronen is er meer dan alleen small-medium-large, er zijn 16 maten beschikbaar! En er is ook wat taillering voorzien in het rugpaneel. Omdat ik een grote maat heb maar toch een kort bovenlijf moest ik verschillende maten combineren. Goed aanduiden op het patroon waar je juist bent met fluo is zeker een aanrader.

Nadat ik het rugpaneel gebreid heb neem ik steken op aan de zijkant, en brei ik vandaar uit zijwaarts de voorpanelen. Er zijn ook nog verkorte rijen om de onderkanten nog wat meer ruimte te geven. Er is dus veel effen tricotsteek, maar het wordt nooit saai.

In de flow van de tricotsteek breide ik te ver, en toen moest ik een deel uithalen... Het oorspronkelijke patroon voorzag ook nog steekzakken op de voorpanden, maar die heb ik niet gedaan.
Nadat ik de schoudernaad gesloten heb neem ik steken op rond de armuitsnijding, en ga ik terug aan de slag met verkorte rijen om de mouwkop vorm te geven. Dit zou van mij standaard in alle patronen mogen zitten, een mooie aanpassende mouw, zonder naaien of frummelen. Het patroon voorzag driekwart mouwen, ik heb er uiteindelijk lange mouwen van gemaakt.

 
De voorpanden hadden misschien nog net iets breder gemogen, en de mouwen net iets korter. Ik heb gebreid tot mijn wol op was. Prima te dragen zo, met een speld, ik ben heel blij met het eindresultaat. Het garen is een zogezegd 'sportweight', dus net iets dikker dan sokkenwol. Dat maakt het een goed vest voor het tussenseizoen, als de eerste bloesems aan de bomen komen.

De kabels op de rug kan ik zelf niet zien, dat is dan voor anderen om te bewonderen.










Sunday, March 24, 2019

Saint-Cyprien

Onze eerste huisruil van 2019 bracht ons naar het zuiden van Frankrijk, in de buurt van Perpignan. Het voelt al direct als vakantie wanneer er een palmboom in de tuin staat! Maar wie goed kijkt ziet dat ik nog een wollen truitje draag.
 
Voordeel van buiten seizoen reizen is dat het op de markt van Collioure nog niet op de koppen lopen is. Nadeel is dan weer dat de platanen er nog heel stekelig uitzien.

In het Pyreneeën schildersdorpje Céret ligt een hond te soezen in de zon. Jammer genoeg was ook het museum voor moderne kunst gesloten wegens werken aan de airco (die zullen ze dan in de zomer nodig hebben). Ik heb wel al een paar Picasso's gezien in mijn leven, maar naar het schijnt is er daar een mooie collectie om te bewonderen. Jammer, dat zal voor een volgende keer zijn.
In heel de streek is er ook een sterk Catalaans gevoel. Straatnamen zijn in het Frans én Catalaans, en ook het eten in de restaurants heeft een Catalaanse inslag.

Ik was blij dat ik een muts en sjaaltje meegebracht had, zeker toen we de bergen inreden om een paar forten van de Catharen te bezoeken. De man aan het loket vond het niet erg om wat toeristen te zien en een praatje te doen, maar hij raadde ons af om helemaal naar boven te gaan,

De wind heeft ongeveer de ganse week overheerst. Die bulderde in de schouw van het huis, deed ons voorovergebogen langs de kust lopen, en was gewoon heel erg vermoeiend. Ik heb gehoord dat het in die week in België niet veel beter was, met veel regen! Wij hadden wel nog veel zon.

 
We reisden met de trein, dus ik nam een klein breiproject mee voor onderweg. Ik had deze vier strengetjes Ierse wol van S-twist wools (en 1 reserve, niet op de foto) in mijn tas gestopt, met de bedoeling een zogezegd 'gradient'-projectje te breien. Daarvoor gebruikte ik een patroon uit het boek Knitting with Rainbows, dat ik vorig jaar in Ierland gekocht had. Dus Ierse wol voor een Iers ontwerp ging mee naar Frankrijk!
Ik koos voor een col (ronde sjaal), Arch Lane.  Het patroon gebruikt de techniek van mozaiekbreien (afgehaalde steken). en speelt met textuur door middel van averechtse en rechtse steken.
 

Na mijn eerste kleurwissel was ik blij dat ik beige wol als reserve had meegebracht, het wit dat ik eerst van plan was vond ik een té groot contrast geven. In het tweede deel is het bleekroze nu in tricotsteek in plaats van ribbelsteek gebreid. Het is hetzelfde patroon, maar ziet er heel anders uit. In mijn hoofd zie ik nog heel veel combinaties, maar ik heb maar vier strengetjes mee.
 
Ik houd me aan mijn voornemen om geen wol te kopen. Dat de winkels hier lange middag-sluitingsuren hebben helpt ook.


Nog voor het einde van de week is de wol op en mijn col klaar. Het zijn niet helemaal mijn kleuren, maar ik vind zeker wel iemand die dit als een mooi cadeautje zal appreciëren.

Sunday, March 03, 2019

Texture Time

Ik ben nog altijd bezig met twee truien te breien, dus niet echt blogmateriaal om over te schrijven. Daarom nog eens een blogpost over een project dat uiteindelijk nooit is  afgewerkt.


Naar goede gewoonte lanceerde Stephen West zijn jaarlijkse Mysterie samenbreiproject, met de voor mij aanlokkelijk klinkende naam 'Texture Time'.

Het patroon maakt gebruik van een harige draadje, alpaca of mohair, niet echt mijn favoriete materiaal, maar misschien het ideale project om nog wat voorraad op te breien. En ik heb ook een plan B, als de roestoranje combinatie niet werkt.
Wat ik al dacht komt uit, het roestoranje proeflapje wordt veel te groot...


Ik ga voor de blauwpaarse combinatie. Bij de start heb je de optie om wel of niet in brioche te breien, en ik kies voor brioche.  Er wordt gebruik gemaakt van 'syncopated brioche', waar je blokjes recht en averechts doet verspringen. Even opletten dus, maar het begin staat mij wel aan!



Het eerste stuk eindigt al direct in een heel vreemde vorm. Ik weet niet goed wat ik ervan moet denken. Daarna wordt aan de twee zijkanten een soort vleugel gebreid, waarin tweekleurige vlechten worden verwerkt. In de samenbreigroep wordt hier nogal over gezucht, het is een arbeidsintensieve techniek waar je de draden moet manipuleren. Mijn ervaring met twijnend breien komt hier van pas. Het is niet de eerste keer dat ik zo'n vlechten brei, maar meestal is dat over een beperkt aantal steken in een sok of want.


 
De vleugels worden verlengd met golvende tweekleurige banen. Ik doe twee paarsen afwisselend voor de tricotbanen, gevlamd babyblauw en paars voor de ribbels. Alleen denk ik dat ik niet genoeg paars heb. Dan nog maar eens in de voorraad gedoken, ik heb nog opties.
Ik begin te twijfelen over mijn kleuren. Ik wist dat ik niet genoeg van het paars had, en wou overschakelen op het bordeaux, maar vind dat nu wel heel donker worden.Uiteindelijk beslis ik het laatste deel van de vleugel in mijn bleekgevlamd paars te doen waar ik de vleugel mee begonnen ben. Op die manier hoop ik er nog een samenhangend geheel van te maken.

Na vijf weken breien leg ik dit project opzij. Ik ben er niet van overtuigd dat ik dit ooit zou dragen, en eerlijk gezegd weet ik ook niet aan wie ik dit cadeau zou kunnen doen?
In onze Stitch’n Bitch deed een mevrouw haar Texture Time in bruin en crème-tinten, en zij noemt haar eindproduct ‘de mottige mot’. Ik vind haar sjaal wel geslaagd. Het patroon is een  'kijk-mama, zonder-handjes' samenraapsel van uitdagende technieken door een creatieve geest. Omdat het zo een eigenaardige vorm heeft, met veel verschillende elementen, kan je best kiezen voor heel rustige kleuren, zoals hier het geval is.

Ik heb zelf nog één vleugel te gaan, maar mijn motivatie om die af te werken staat nu onder nul. Ik zou na het stuk met de vlechten alles in één kleur kunnen breien (de vleugels zeg maar). Ik heb van het garen dat ik voor de achtergrond van de vlechten gebruikt heb drie strengen, dus waarschijnlijk wel genoeg om alles af te werken. Maar wil ik hier nog eens drie weken aan breien? Een andere optie is gewoon alles uithalen zo ver mogelijk, en de wol hergebruiken voor een ander project.

In elk geval is mijn conclusie voor 2019: geen mysteries meer voor mij! (toch niet op breigebied)...